Hongaarse gevulde koolbladeren

Voor 8-10 (ongeveer 20 koolrolletjes):

– 1 kool

– 4 laurierblaadjes

– 150 ml wittewijnazijn

– kom ijswater

– 200 g gerookte bacon, fijngesneden

– 1 ui, fijngesneden

– 2 tenen knoflook, uitgeperst

– bosje gemengde kruiden (marjolein, tijm, dille) fijngesneden

– 1 tl gerookt paprikapoeder

– 1/4 tl gemalen komijn

– zout en zwarte peper

– 500 g varkensgehakt

– 500 g rundergehakt

– 150 g gekookte langkorrelige rijst

– 1 ei, losgeroerd

– klein bosje dille

– 600 ml kippen- of groentenbouillon

 

Verwarm de oven voor tot 180°C.

Maak de grote, lichtgroene buitenste bladeren van de kool los en blancheer ze 2-3 minuten in een grote pan met kokend water waaraan je wat zout, drie laurierblaadjes en de azijn hebt toegevoegd. Doop de bladeren direct daarna in het ijswater. Verwijder het dikste deel van de middennerven uit de bladeren: zo zijn ze gemakkelijker op te rollen.

Bak de stukjes bacon in een ondiepe koekenpan tot ze gaar maar nog niet knapperig zijn en neem ze uit de pan. Voeg de ui, knoflook, fijngesneden kruiden, het paprikapoeder, de komijn en wat zout en peper toe aan het achtergebleven spekvet in de pan en schep alles om.

Maak beide soorten gehakt aan met de gekookte rijst, het uienenmengsel en de stukjes bacon. Bind het gehaktmengsel met het losgeroerde ei en voeg wat zou ten peper toe. Neem een handjevol van dit gehaktmengsel en leg ehet op een koolblad. Rol dit op rondom de vulling waarbij je de zijkanten instopt, zodat je een net rolletje krijgt. Maak op deze manier ongeveer 20 rolletjes.

Schik de rolletjes in een ovenschaal en schenk de bouillon erover. Voeg het resterende laurierblaadje toe en strooi er nog wat dille over. Dek de ovenschotel af en zet hem 1 1/2 uur in de voorverwarmde oven.

 

(Uit: Vers uit de tuin van Sarah Raven)

Advertenties